1. Tori Telfer: Lady Killers. Deadly Women Throughout History
  2. Gladys Cromwell: The Poet
  3. Patti Smith: The New Jerusalem – Bilingual edition – Nexus Library
  4. Ton van Reen: Het diepste blauw (058). Een roman als feuilleton
  5. Kunstenfestival Watou 2018 van 30 juni t/m 2 september
  6. Lord Byron: When we two parted
  7. Ton van Reen: Het diepste blauw (057). Een roman als feuilleton
  8. Guillaume Apollinaire: La Dame
  9. Gertrud Kolmar: Der Engel im Walde
  10. Samuel Taylor Coleridge: Rime of the Ancient Mariner
  11. Ton van Reen: Het diepste blauw (056). Een roman als feuilleton
  12. Gladys Cromwell: Star Song
  13. Vincent Berquez: Japanese river
  14. James Joyce: Lean Out of the Window
  15. Ton van Reen: Het diepste blauw (055). Een roman als feuilleton
  16. Bobby Parker: Working Class Voodoo
  17. Nieuwe digitale bundel Fantom Ebooks (nr 2) van Paul Bezembinder
  18. Bert Bevers gedicht: Caprice
  19. Nieuwe digitale dichtbundel Fantom Ebooks – nr 2: Kwatrijnen van Paul Bezembinder
  20. Ton van Reen: Het diepste blauw (054). Een roman als feuilleton
  21. De Parelduiker voorjaar 2018/2
  22. Boekpresentatie: Nicht verloren laufen met lino’s van Walter Kerkhofs en Ivo van Leeuwen
  23. Stephen King: The Outsider. A Novel
  24. Edgar Allan Poe: The Cask of Amontillado
  25. Ton van Reen: Het diepste blauw (053). Een roman als feuilleton
  26. Lord Byron: Growing Old
  27. Radna Fabias wint C. Buddingh’-prijs 2018
  28. Hugo Ball: Bagatelle
  29. Ton van Reen: Het diepste blauw (052). Een roman als feuilleton
  30. Gertrud Kolmar: Die Verlassene (An K. J.)
  31. Martin Puchner: The Written World. The Power of Stories to Shape People, History, Civilization
  32. Joyce Carol Oates: Beautiful Days. Stories
  33. David Hajdu: Positively 4th Street
  34. Ton van Reen: Het diepste blauw (051). Een roman als feuilleton
  35. Bert Bevers gedicht: In de doorslaap
  36. Poetry International Festival Rotterdam (29/5-3/6-2018) – Live Streams
  37. Festival de la BnF 2018 Paris: La Bibliothèque parlante
  38. Poetry International Festival Rotterdam 2018
  39. Michelle Witen: James Joyce and Absolute Music
  40. Ton van Reen: Het diepste blauw (050). Een roman als feuilleton
  41. Karl Marx: Das Kapital
  42. Viking Eggeling: Four frames from “Diagonal-Symphonie”
  43. Orphic Paris by Henri Cole
  44. Karl Marx: Es kommt darauf an, die Welt zu verändern. Ein Karl-Marx-Lesebuch
  45. Patrick Tudoret: Fromentin. Le roman d’une vie
  46. JACE van de Ven: Met Vaart In Het Hart. Verhalen uit het Brabants Wielercafé
  47. Sleeping Late on Judgment Day. Poems by Jane Mayhall
  48. Ton van Reen: Het diepste blauw (049). Een roman als feuilleton
  49. Robert Desnos: Le Livre secret pour Youki
  50. Oerol #festivaleiland 15 – 24 juni 2018


  2. DANCE
  4. EXHIBITION – art, art history, photos, paintings, drawings, sculpture, ready-mades, video, performing arts, collages, gallery, etc.
  5. FICTION & NON-FICTION – books, booklovers, lit. history, biography, essays, translations, short stories, columns, literature: celtic, beat, travesty, war, dada & de stijl, drugs, dead poets
  6. FLEURSDUMAL POETRY LIBRARY – classic, modern, experimental & visual & sound poetry, poetry in translation, city poets, poetry archive, pre-raphaelites, editor's choice, etc.
  7. LITERARY NEWS & EVENTS – art & literature news, in memoriam, festivals, city-poets, writers in Residence
  9. MUSEUM OF LOST CONCEPTS – invisible poetry, conceptual writing, spurensicherung
  10. MUSEUM OF NATURAL HISTORY – department of ravens & crows, birds of prey, riding a zebra
  11. MUSEUM OF PUBLIC PROTEST- photos, texts, videos, street poetry, 1968
  12. MUSIC
  15. STORY ARCHIVE – olv van de veestraat, reading room, tales for fellow citizens
  18. TOMBEAU DE LA JEUNESSE – early death: writers, poets & artists who died young
  19. ULTIMATE LIBRARY – danse macabre, ex libris, grimm & co, fairy tales, art of reading, tales of mystery & imagination, sherlock holmes theatre, erotic poetry, ideal women
  20. WAR & PEACE
  21. ·


  1. Subscribe to new material:
    RSS     ATOM

Ton van Reen: Het diepste blauw (053). Een roman als feuilleton

`Hé, Mels! Kom je nog!’ De stem van Thija.
Hij rent naar de Wijer.
Tijger en Thija zitten in de boot.
Tijger roeit. Thija zit op het bankje, een reistas op haar knieën.
`We gaan naar China’, roept Tijger.

Mels springt in de boot en neemt de roeispanen over. Ze zakken de Wijer af, naar het hart van het dorp.
Mels ziet de mensen naar buiten komen. Zijn moeder, samen met tante Noortje, de roodharige heks en de moeder van Thija, die een glinsterende groene jurk draagt. Ze is nauwelijks groter dan Thija en net zo dun. Die twee lijken wel zussen.
`Waar gaan jullie heen?’ roept Thija’s moeder bezorgd.
`We reizen naar China’, roept Thija.
`Hoelang blijven jullie weg?’
`Dat weten we nog niet.’
`Je moet je slaapjurk meenemen! En je tandenborstel!’
`We hebben niets nodig. In China slapen we in het paleis van de keizer.’
`Ik wil mee’, roept Thija’s moeder. `Ik wil graag terug!’
`Spring maar in de boot’, roept Thija. `Ik vang je op!’

Te laat. De boot schiet onder de brug. Mels kijkt recht in het gezicht van Lizet, die over de reling hangt, altijd benieuwd naar wat die drie aan het doen zijn. Nog net ziet hij dat ze haar rechterbeen naar voren plaatst, zodat hij onder haar rok kijkt en de kousenband rond haar dij ziet. In dezelfde oogopslag ziet hij dat Thija ziet wat hij ziet. Hij vervloekt het. Hij kan er niets aan doen dat Lizet hem altijd zo uitdaagt.

Als de boot aan de andere kant onder de brug uit komt, is hij in een vliegtuig veranderd. Heel gewoon, zoals in dromen alles heel gewoon is. In een wijde boog vliegt de kleine pipercub omhoog.
Ze zwaaien naar hun moeders.

`Kijk uit!’ roept Mels naar Tijger die aan de stuurknuppel zit, maar doordat hij naar zijn moeder zwaait, ziet hij niet dat ze recht op de silo afvliegen. Met een enorme knal spat het vliegtuig uit elkaar. Meel wolkt op.

Ton van Reen: Het diepste blauw (053)
wordt vervolgd magazine

More in: - Book Stories, - Het diepste blauw, Archive Q-R, Reen, Ton van

Lord Byron: Growing Old


Growing Old

But now at thirty years my hair is grey—
(I wonder what it will be like at forty ?
I thought of a peruke the other day—)
My heart is not much greener ; and, in short, I
Have squandered my whole summer while ’twas May,
And feel no more the spirit to retort ; I
Have spent my life, both interest and principal,
And deem not, what I deemed, my soul invincible.

No more—no more—Oh ! never more on me
The freshness of the heart can fall like dew,
Which out of all the lovely things we see
Extracts emotions beautiful and new ;
Hived in our bosoms like the bag o’ the bee.
Think’st thou the honey with those objects grew ?
Alas ! ’twas not in them, but in thy power
To double even the sweetness of a flower.

No more—no more—Oh! never more my heart,
Canst thou be my sole world, my universe !
Once all in all, but now a thing apart,
Thou canst not be my blessing or my curse :
The illusion’s gone for ever, and thou art
Insensible, I trust, but none the worse,
And in thy stead I’ve got a deal of judgement,
Thou Heaven knows how it ever found a lodgement.

My days of love are over ; me no more
The charms of maid, wife, and still less of widow,
Can make the fool of which they made before,—
In short, I must not lead the life I did do ;
The credulous hope of mutual minds is o’er,
The copious use of claret is forbid too,
So for a good old-gentlemanly vice,
I think I must take up with avarice.

Ambition was my idol, which was broken
Before the shrines of Sorrow, and of Pleasure ;
And the two last have left me many a token
O’er which reflection may be made at leisure :
Now, like Friar Bacon’s Brazen Head, I’ve spoken,
‘Time is, Time was, Time’s past’ : a chymic treasure
Is glittering Youth, which I have spent betimes—
My heart in passion, and my head on rhymes.

What is the end of Fame ? ’tis but to fill
A certain portion of uncertain paper :
Some liken it to climbing up a hill,
Whose summit, like all hills, is lost in vapour ;
For this men write, speak, preach, and heroes kill,
And bards burn what they call their ‘midnight taper’,
To have, when the original is dust,
A name, a wretched picture and worse bust.

What are the hopes of man ? Old Egypt’s King
Cheops erected the first Pyramid
And largest, thinking it was just the thing
To keep his memory whole, and mummy hid ;
But somebody or other rummaging,
Burglariously broke his coffin’s lid :
Let not a monument give you or me hopes,
Since not a pinch of dust remains of Cheops.

But I, being fond of true philosophy,
Say very often to myself, ‘Alas!
All things that have been born were born to die,
And flesh (which Death mows down to hay) is grass ;
You’ve passed your youth not so unpleasantly,
And if you had it o’er again—’twould pass—
So thank your stars that matters are no worse,
And read your Bible, sir, and mind your purse.’

Lord Byron (1788-1824)
Growing Old magazine

More in: Archive A-B, Byron, Lord

Radna Fabias wint C. Buddingh’-prijs 2018

De C. Buddingh’-prijs 2018 is toegekend aan Radna Fabias. De jury riep haar bundel ‘Habitus’ uit tot beste Nederlandstalige poëziedebuut van het jaar.

Met de woorden ‘Een wonderlijk ongeëvenaard geval, dat de jury vloeibaar maakt, morsend en gehoorzamend aan haar zwaartekracht,’ maakte juryvoorzitter Jeroen Dera de winnende bundel bekend tijdens ‘De staat van de poëzie’, een avond over de laatste ontwikkelingen in de Nederlandstalige poézie op het 49e Poetry International Festival.

‘Er gebeurt iets in de Nederlandstalige poëzie’, aldus de jury, wat zeker ook te danken is aan de dichters Dean Bowen, Elisabeth Tonnard en Arno Van Vlierberghe die met hun bundels ‘Bokman’, ‘Voor het ideaal, lees de schaal’ en ‘Vloekschrift’ ook kans maakten op de dertigste editie van de debuutprijs. Naast Jeroen Dera zaten Charlotte Van den Broeck en Antoine de Kom in de jury.

Radna Fabias is geboren en getogen op de Nederlandse Antillen en studeerde aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht.

“ik krijg
vijf trucs om gokkasten te laten betalen
een simpele manier om geld te maken
acht manieren om de man thuis te houden waaronder
vier brouwsels voor een strakkere kut”,

schrijft ze in ‘Habitus’. ‘Met overdonderde kracht sleurt ze de lezer mee in een broeierig tussengebied,’ aldus de jury. ‘Een subversieve stem die afkomst, bestemming, lichaam en perspectief te lijf gaat en daarbij zichzelf en de ander niet spaart, Deze poëzie is vlezig, goddelijk vunzig soms – en breekt de Hollandse dichtkunst weergaloos open, rekent af met het veilige vers. ‘Habitus’ zindert.

Het is moeilijk te zeggen wat het meest beklemt in deze bundel: het tropische eiland, het Nederlands waar de ik-figuur naartoe reist, of de categorieën die afkomst en bestemming projecteren op het lyrische ik. Fabias maakt deze beklemming voelbaar en tegelijkertijd gooit ze geijkte opposities als ‘wit’-‘zwart’, ‘man’-‘vrouw’, ‘ik’-‘ander’ open door ingenieus gebruik te maken van een cameramatige, maar uitgesproken lyrische stem die alle perspectieven opentrekt en het niet schuwt om zichzelf en de ander op het spel te zetten.’

Hoewel het aantal van 21 ingezonden debuten kwantitatief niet uitzonderlijk kan worden genoemd gaf de jury uiting aan het gevoel dat dit toch zeker een zeer bijzonder Buddingh’-jaar is.

‘Er gebeurt iets in de Nederlandstalige poëzie,’ zo meent de jury. In drieën valt op hoe op inhoudelijk vlak de combinatie van experiment en engagement overheerst, hoe de zoektocht naar een expliciet politiek ik centraal staat – een ik dat de verhouding zoekt tot de gemeenschap maar daarbij vooral de notie ‘gemeenschap’ problematiseert – en hoe de poëzie waarin dit allemaal gebeurt opvallend vaak verschijnt bij kleinere uitgeverijen.

De jury acht de kans groot dat het de uitgeverijen aan de rand van het literaire veld zijn die dit nieuwe geluid in de poëzie mogelijk maken.

Sinds 1988 wordt op initiatief van Poetry International ieder jaar de C. Buddingh’-Prijs uitgereikt aan de schrijver of schrijfster van het beste Nederlandstalige poëziedebuut. Met de prijs beoogt Poetry International meer aandacht te genereren voor talentvolle nieuwe stemmen in de Nederlandstalige poëzie.

Voor menig dichter van naam was de C. Buddingh’-Prijs de eerste belangrijke trofee die in de wacht werd gesleept. Joke van Leeuwen, Tonnus Oosterhoff, Ilja Leonard Pfeijffer en Anna Enquist, of recenter Lieke Marsman, Ellen Deckwitz, Maarten van der Graaff en Marieke Lucas Rijneveld behoren tot de laureaten.

Titel: Habitus
Auteur: Radna Fabias
Uitgever: de Arbeiderspers
Taal: Nederlands
ISBN10 9029523808
ISBN13 9789029523806
Februari 2018
Afmetingen 11x205x169 mm
Verschijningsdatum: 20-02-2018
120 pagina’s
Prijs: € 19,99
NUR: 306 magazine

More in: - Book News, Archive E-F, Art & Literature News, Awards & Prizes, Buddingh', Cees, Marsman, Lieke, Poetry International, Rijneveld, Marieke Lucas

Hugo Ball: Bagatelle


Vor meinem Fenster,
Im Sonnenschein
Sitzen Engelein.
Eins, zwei, drei Engelein
Und äugeln herein.
Sie hauchen an die Scheiben
Und kichern sich an,
Und schreiben
Deinen Namen hin.
Und kichern sich an
Und verwischen ihn.
Und blinzeln gar boshaft
Und neckisch herein,
Und flattern fort
Die drei Engelein.

Hugo Ball
Bagatelle magazine

More in: Archive A-B, Ball, Hugo, Dada, DADA, Dadaïsme

Ton van Reen: Het diepste blauw (052). Een roman als feuilleton

Over het pad rijdt hij terug naar de brug. Boos. Er is niets over van de molen die hij zich herinnert. Niets van de sprookjesachtige wereld van vroeger. De graanzolder waar zich bokkenrijders verscholen hadden. Het molenhuis waar de stenen over elkaar schuurden, een geluid dat leek op het kermen van gemartelde heksen. Was hij er maar niet naartoe gegaan. Wat hij gezien heeft tast zijn herinneringen aan.

Had hij kunnen voorkomen dat de molen een uitspanning zou worden voor dagjesmensen? Na de dood van grootvader Bernhard was de molen opnieuw in verval geraakt. Een boer had er kalveren in ondergebracht. Later had er een autosloper in gezeten. Het weitje had zo vol hoog opgetast schroot gestaan dat de molen uit het zicht was verdwenen.

Veel te laat had hij beseft dat hijzelf de molen had moeten kopen. Voor een prikje had hij hem kunnen krijgen van de heren Hubben, die altijd eigenaren waren gebleven, maar er geen enkele belangstelling voor hadden. Nu beseft hij pas dat er geen mooiere plek was geweest om te wonen.

Toen de autosloper was verdwenen, was de molen uitgeroepen tot monument. Historisch erfgoed, dat behouden kon blijven door er een nuttig doel voor te zoeken. Dit was het dan geworden: een koek-en-zopie-tent in zuurtjeskleuren.
Waarom ergert hij zich zo aan de mensen die de molen veranderd hebben? Hij moet zichzelf verwijten maken.

Hij staat stil, vlak bij de beek. Langs de oever is een palissade geslagen, om afkalving te voorkomen. De waterlelies en lisdodden zijn verdwenen.

Ton van Reen: Het diepste blauw (052)
wordt vervolgd magazine

More in: - Book Stories, - Het diepste blauw, Archive Q-R, Reen, Ton van

Gertrud Kolmar: Die Verlassene (An K. J.)

Die Verlassene
An K. J.

Du irrst dich. Glaubst du, daß du fern bist
Und daß ich dürste und dich nicht mehr finden kann?
Ich fasse dich mit meinen Augen an,
Mit diesen Augen, deren jedes finster und ein Stern ist.

Ich zieh dich unter dieses Lid
Und schließ es zu und du bist ganz darinnen.
Wie willst du gehn aus meinen Sinnen,
Dem Jägergarn, dem nie ein Wild entflieht?

Du läßt mich nicht aus deiner Hand mehr fallen
Wie einen welken Strauß,
Der auf die Straße niederweht, vorm Haus
Zertreten und bestäubt von allen.

Ich hab dich liebgehabt. So lieb.
Ich habe so geweint … mit heißen Bitten …
Und liebe dich noch mehr, weil ich um dich gelitten,
Als deine Feder keinen Brief, mir keinen Brief mehr schrieb.

Ich nannte Freund und Herr und Leuchtturmwächter
Auf schmalem Inselstrich,
Den Gärtner meines Früchtegartens dich,
Und waren tausend weiser, keiner war gerechter.

Ich spürte kaum, daß mir der Hafen brach,
Der meine Jugend hielt – und kleine Sonnen,
Daß sie vertropft, in Sand verronnen.
Ich stand und sah dir nach.

Dein Durchgang blieb in meinen Tagen,
Wie Wohlgeruch in einem Kleide hängt,
Den es nicht kennt, nicht rechnet, nur empfängt,
Um immer ihn zu tragen.

Gertrud Kolmar
gedicht: Die Verlassene magazine

More in: Archive K-L, Archive K-L, Kolmar, Gertrud

Martin Puchner: The Written World. The Power of Stories to Shape People, History, Civilization

The story of how literature shaped world history, in sixteen acts—from Alexander the Great and the Iliad to Don Quixote and Harry Potter

In this groundbreaking book, Martin Puchner leads us on a remarkable journey through time and around the globe to reveal the powerful role stories and literature have played in creating the world we have today.

Puchner introduces us to numerous visionaries as he explores sixteen foundational texts selected from more than four thousand years of world literature and reveals how writing has inspired the rise and fall of empires and nations, the spark of philosophical and political ideas, and the birth of religious beliefs. Indeed, literature has touched the lives of generations and changed the course of history.

At the heart of this book are works, some long-lost and rediscovered, that have shaped civilization: the first written masterpiece, the Epic of Gilgamesh; Ezra’s Hebrew Bible, created as scripture; the teachings of Buddha, Confucius, Socrates, and Jesus; and the first great novel in world literature, The Tale of Genji, written by a Japanese woman known as Murasaki. Visiting Baghdad, Puchner tells of Scheherazade and the stories of One Thousand and One Nights, and in the Americas we watch the astonishing survival of the Maya epic Popol Vuh. Cervantes, who invented the modern novel, battles pirates both real (when he is taken prisoner) and literary (when a fake sequel to Don Quixote is published).

We learn of Benjamin Franklin’s pioneering work as a media entrepreneur, watch Goethe discover world literature in Sicily, and follow the rise in influence of The Communist Manifesto. We visit Troy, Pergamum, and China, and we speak with Nobel laureates Derek Walcott in the Caribbean and Orhan Pamuk in Istanbul, as well as the wordsmiths of the oral epic Sunjata in West Africa.

Throughout The Written World, Puchner’s delightful narrative also chronicles the inventions—writing technologies, the printing press, the book itself—that have shaped religion, politics, commerce, people, and history. In a book that Elaine Scarry has praised as “unique and spellbinding,” Puchner shows how literature turned our planet into a written world.

Title: The Written World
Subtitle: The Power of Stories to Shape People, History, Civilization
Author: Martin Puchner
Publisher: Random House
Format Hardcover, $32.00
ISBN-10 0812998936
ISBN-13 9780812998931
Publication Date: 24 October 2017
Nb of pages 448 p.

new books magazine

More in: - Book Lovers, - Book News, - Book Stories, Archive O-P, Art & Literature News, Libraries in Literature, PRESS & PUBLISHING, The Art of Reading

Joyce Carol Oates: Beautiful Days. Stories

A new collection of thirteen mesmerizing stories by American master Joyce Carol Oates, including the 2017 Pushcart Prize–winning “Undocumented Alien”

The diverse stories of Beautiful Days, Joyce Carol Oates explore the most secret, intimate, and unacknowledged interior lives of characters not unlike ourselves, who assert their independence in acts of bold and often irrevocable defiance.

“Fleuve Bleu” exemplifies the rich sensuousness of Oates’s prose as lovers married to other persons vow to establish, in their intimacy, a ruthlessly honest, truth-telling authenticity missing elsewhere in their complicated lives, with unexpected results.

In “Big Burnt,” set on lushly rendered Lake George, in the Adirondacks, a cunningly manipulative university professor exploits a too-trusting woman in a way she could never have anticipated. “The Nice Girl” depicts a young woman who has been, through her life, infuriatingly “nice,” until she is forced to come to terms with the raw desperation of her deepest self. In a more experimental but no less intimate mode, “Les beaux jours” examines the ambiguities of an intensely erotic, exploitative relationship between a “master” artist and his adoring young female model. And the tragic “Undocumented Alien” depicts a young African student enrolled in an American university who is suddenly stripped of his student visa and forced to undergo a terrifying test of courage.

In these stories, as elsewhere in her fiction, Joyce Carol Oates exhibits her fascination with the social, psychological, and moral boundaries that govern our behavior—until the hour when they do not.

Title: Beautiful Days
Subtitle: Stories
Author: Joyce Carol Oates
Publisher: Ecco
Title First Published: 06 February 2018
Format: Hardcover
ISBN-10 0062795783
ISBN-13 9780062795786
Main content page count: 352

new fiction magazine

More in: - Book Lovers, - Book Stories, -Short Stories Archive, Archive O-P, Art & Literature News

David Hajdu: Positively 4th Street

The story of how four young bohemians on the make – Bob Dylan, Joan Baez, Mimi Baez, and Richard Farina – converged in Greenwich Village, fell into love, and invented a sound and a style that are one of the most lasting legacies of the 1960s

When Bob Dylan, age twenty-five, wrecked his motorcycle on the side of a road near Woodstock in 1966 and dropped out of the public eye, he was recognized as a genius, a youth idol, and the authentic voice of the counterculture: and Greenwich Village, where he first made his mark as a protest singer with an acid wit and a barbwire throat, was unquestionably the center of youth culture.

So embedded are Dylan and the Village in the legend of the Sixties–one of the most powerful legends we have these days–that it is easy to forget how it all came about. In Positively Fourth Street, David Hajdu, whose 1995 biography of jazz composer Billy Strayhorn was the best and most popular music book in many seasons, tells the story of the emergence of folk music from cult practice to popular and enduring art form as the story of a colorful foursome: not only Dylan but his part-time lover Joan Baez – the first voice of the new generation; her sister Mimi – beautiful, haunted, and an artist in her own right; and her husband Richard Farina, a comic novelist (Been Down So Long It Looks Like Up To Me) who invented the worldliwise bohemian persona that Dylan adopted–some say stole–and made as his own.

David Hajdu
Positively 4th Street
The Lives and Times of Joan Baez, Bob Dylan, Mimi Baez Farina, and Richard Farina
24x209x141 mm
ISBN10 0312680694
ISBN13 9780312680695
Picador USA
328 pages
paperback magazine

More in: #Beat Generation Archives, - Book Lovers, - Book Stories, Archive G-H, Bob Dylan

Ton van Reen: Het diepste blauw (051). Een roman als feuilleton

`Zo, jongens’, zegt grootvader, die het altijd druk heeft met de restauratie van de molen. `De zon is zo rood als een radijs. Vandaag krijgen we veel gratis water. Dat belooft dat we een week lang kunnen malen.’ Hij wrijft zich in de handen.

Hij geeft hun elk een bos frisse radijsjes.
`Weten jullie dat hier vroeger een kasteel stond, iets verderop langs de beek?’
`Waar is het gebleven?’ vraagt Mels, bijtend op een radijsje dat zijn tong prikkelt.
`Een paar honderd jaar geleden is het verzonken, met bewoners en al. In één nacht was alles weg. Als een straf van God voor de bewoners. Ze leefden in zonde. Ze werkten niet.’
`Dat is toch geen zonde’, zegt Thija. `Dat wil toch iedereen?’

`Verspilling van tijd was zonde. Feestvieren was toegeven aan de lusten van de duivel. De bewoners van het kasteel onderdrukten de mensen die grond en huizen van hen pachtten waar ze veel voor moesten betalen. Ze waren hoogmoedig. Op een kerstnacht moet het zijn gebeurd. In plaats van naar de kerk te gaan, vierden ze feest. Dat heeft God zo vertoornd dat hij hen met huid en haar naar de hel heeft gestuurd. Toen de mensen vroeg in de ochtend terugkwamen van de nachtmis, was alles weg. Van het slot was geen spoor meer te vinden. Maar soms kun je de klokken van het verdronken kasteel nog horen luiden.’

Ze lopen naar het weitje en gaan op de oever van de Wijer zitten, tussen madeliefjes en boterbloemen. Mels denkt na over het verhaal van grootvader. Hij kent het allang. De meester heeft het verteld, zijn moeder ook. Maar elke keer is het anders. In het verhaal van de meester was het de duivel aan wie de kasteelbewoners hun ziel hadden verkocht, Satan zelf die hen met hun hele hebben en houden naar de hel had gesleurd. In het verhaal van zijn moeder was het alleen een ridder die na dertig jaar thuiskwam van een kruisvaart en toen zijn vrouw aantrof met een andere man en een dozijn kinderen die ze van die ander had. In zijn woede had hij allen vermoord, maar net toen hij de hand aan zichzelf wilde slaan, zakte hij met kasteel en al weg in de grond, waar hij voor eeuwig zou blijven voortleven, jammerend over de moorden die hij had begaan.

Thija blaast de pluizen van een uitgebloeide paardenbloem. Wie alle pluizen in één keer wegblaast, mag een wens doen, maar je mag er niet over praten. Tegen niemand. Ook niet tegen vrienden. Mels moet op zijn tong bijten om er niet naar te vragen.

Hij trekt een pluim van het riet en steekt hem tussen de tanden. Hij buigt zich voorover en spiegelt zijn gezicht in een hoekje van de stroom waar het water stilstaat. Hij pakt zijn zakkammetje. Zijn haar is dik. De kam gaat er maar met moeite doorheen.

Hij hoort zijn moeder zingen, vlakbij, op haar veldje achter de tuin van grootvader Bernhard. Ze plukt onkruid dat ze altijd aan de kippen voert, zodat ze eieren met mooie donkergele dooiers leggen. Over het pad langs de Wijer loopt hij naar haar toe. In een opwelling laat hij haar de harmonica zien die hij al dagen in zijn zak heeft, zonder dat de anderen er iets van weten.

`Mooi.’ Moeder is verwonderd. `Hoe kom je eraan?’
`Hij is voor Tijger.’ Hij zegt het met een brok in zijn keel. `Maar nu ik hem heb gekocht, wil ik hem graag zelf houden.’
`Dan wordt het lastig.’ Moeder bukt zich naar de jonge slaplantjes om ze op slakken na te kijken. Waar ze slakken vermoedt, strooit ze zout, waarvan ze smelten. `Hou je dat ding zelf, dan heb je geen cadeau. Een geschenk is pas een echt geschenk als je iets geeft wat je graag voor jezelf wilt houden.’

Mels wil daarover nadenken. Dat kan hij beter als hij alleen is.
Hij loopt terug naar de molen en klimt over de buitentrap naar de zolder. Het is een plek waar ze vaak komen. Soms is hij er alleen.

Hij gaat op de grote weegschaal zitten en kijkt door het raam naar buiten. Nu hij hier binnen is, valt hem ineens op dat de wereld buiten heel anders is dan wanneer hij buiten is. In de stilte van de zolder is dit een plek die onaards is. Het komt door de zon die de spinnenwebben die in lagen voor de ruitjes zijn geweven in tovergordijnen verandert.

Ton van Reen: Het diepste blauw (051)
wordt vervolgd magazine

More in: - Book Stories, - Het diepste blauw, Archive Q-R, Reen, Ton van

Bert Bevers gedicht: In de doorslaap


In de doorslaap

Vriendelijk verwant zoals het werkwoord gapen
dat met slapen is liggen wij stilletjes hand in hand.
De hele nacht door sliep je lekker maar tegen
de ochtend werd je steeds weer van een piepje
wakker. Het leek of je keek naar de klei die ik kneed

alsof je weet dat het andere wolken zijn dan van donker:
in de doorslaap kerven zich de klamste dromen.


Bert Bevers
Gedicht: In de doorslaap
Uit Andere taal, Uitgeverij Litera Este, Borgerhout, 2010

Bert Bevers is a poet and writer who lives and works in Antwerp (Be) magazine

More in: Archive A-B, Archive A-B, Bevers, Bert

Poetry International Festival Rotterdam (29/5-3/6-2018) – Live Streams


« Read more | Previous »

Thank you for reading FLEURSDUMAL.NL - magazine for art & literature