In this category:

    FLEURSDUMAL POETRY LIBRARY - classic, modern, experimental & visual & sound poetry, poetry in translation, city poets, poetry archive, pre-raphaelites, editor's choice, etc.
    CLASSIC POETRY
    Aretino, Pietro
    FICTION & NON-FICTION - books, booklovers, lit. history, biography, essays, translations, short stories, columns, literature: celtic, beat, travesty, war, dada & de stijl, drugs, dead poets
    NONFICTION: ESSAYS & STORIES
    Ed Schilders
    ULTIMATE LIBRARY - danse macabre, ex libris, grimm & co, fairy tales, art of reading, tales of mystery & imagination, sherlock holmes theatre, erotic poetry, ideal women
    Erotic literature

New on FdM

  1. Gladys Cromwell: Choice (Poem)
  2. Gerhard Moerner: Nacht im Schützengraben
  3. Crosby, Stills, Nash and Young. The Wild, Definitive Saga of Rock’s Greatest Supergroup by David Browne
  4. The Milk Bowl of Feathers. Essential Surrealist Writings edited by Mary Ann Caws
  5. Lord Byron: By the Rivers of Babylon We Sat Down and Wept (Poem)
  6. Agnita Feis: De Soldaat (gedicht)
  7. Edinburgh Art Festival 25 July—25 August 2019
  8. Antony Kok website: www.antonykok.nl
  9. Karel van de Woestijne: Stad (Gedicht)
  10. Will Streets: Shelley in the Trenches 2nd May 1916 (Poem)

Or see the index

All categories

  1. AUDIO, CINEMA, RADIO & TV (126)
  2. DANCE (50)
  3. DICTIONARY OF IDEAS (164)
  4. EXHIBITION – art, art history, photos, paintings, drawings, sculpture, ready-mades, video, performing arts, collages, gallery, etc. (1,357)
  5. FICTION & NON-FICTION – books, booklovers, lit. history, biography, essays, translations, short stories, columns, literature: celtic, beat, travesty, war, dada & de stijl, drugs, dead poets (2,730)
  6. FLEURSDUMAL POETRY LIBRARY – classic, modern, experimental & visual & sound poetry, poetry in translation, city poets, poetry archive, pre-raphaelites, editor's choice, etc. (3,770)
  7. LITERARY NEWS & EVENTS – art & literature news, in memoriam, festivals, city-poets, writers in Residence (1,423)
  8. MONTAIGNE (97)
  9. MUSEUM OF LOST CONCEPTS – invisible poetry, conceptual writing, spurensicherung (47)
  10. MUSEUM OF NATURAL HISTORY – department of ravens & crows, birds of prey, riding a zebra (88)
  11. MUSEUM OF PUBLIC PROTEST (75)
  12. MUSIC (168)
  13. PRESS & PUBLISHING (72)
  14. REPRESSION OF WRITERS, JOURNALISTS & ARTISTS (87)
  15. STORY ARCHIVE – olv van de veestraat, reading room, tales for fellow citizens (16)
  16. STREET POETRY (41)
  17. THEATRE (173)
  18. TOMBEAU DE LA JEUNESSE – early death: writers, poets & artists who died young (235)
  19. ULTIMATE LIBRARY – danse macabre, ex libris, grimm & co, fairy tales, art of reading, tales of mystery & imagination, sherlock holmes theatre, erotic poetry, ideal women (171)
  20. WAR & PEACE (68)
  21. · (4)

Or see the index



  1. Subscribe to new material: RSS

Ed Schilders: Pietro Aretino. De geschiedenis van een reputatie (4)

Ed Schilders

Pietro Aretino

De geschiedenis van een reputatie

Vier

Vuur en schaar hebben de wortels van een stukje Renaissancistische zedenbevordering naar alle waarschijnlijkheid voorgoed uitgeroeid. De reputatie van Aretino en ‘zijn’ standen is echter een eigen leven gaan leiden, lang voordat de censor zijn lucifers optimaal kon benutten. Vanaf de zeventiende eeuw is Aretino geen eigennaam meer maar een handelsmerk, een woord (zoals, om in dezelfde sfeer te blijven, condoom, syfilis en Storyville afgeleid zijn van eigennamen). Het patent is vergeten, de namaak viert hoogtij. Vele erotica worden als Aretineske produkties verkocht, in een groot aantal andere werken wordt hij aangehaald of genoemd. Van beide verschijnselen volgt hier een overzicht, waarbij eerst de uitgevers aan bod komen.
La Puttana Erranteis een van de klassieke werken uit de zeventiende eeuwse erotica-produktie maar nog steeds is het niet geheel duidelijk wanneer het boek voor het eerst verscheen en wie de auteur is. De vroegst bekende edities dateren uit 1660 en werden gedrukt te Leiden bij Jan Elzevier. De toeschrijving aan Aretino is het gevolg van een drietal factoren. In de eerste plaats werd het werk uitgegeven in een en dezelfde band als de Ragionamenti en net als die gesprekken heeft ook De dwalende hoer, zoals de titel van de eerste Nederlandse vertaling uit 1669 luidt, de dialoogvorm. Daarnaast werd Aretino genoemd als de auteur: Al. P. Aretino, cognominato il flagello de principi, ilveritiro el divino, niet ten onrechte, gezien de Ragionamenti, en wellicht ook toen al uit overtuiging dat hij ook La Puttanaschreef. Elzevier publiceerde in hetzelfde jaar twee edities (een van 54 pagina’s en een van 38 pagina’s voor La Puttana).
Legman heeft gesuggereerd dat de eigenlijke auteur Niccolò Franco was, een ex-secretaris van Aretino die zijn werkgever graag imiteerde; Franco publiceerde ook La Priapea — Sonetti Lussuriosi-satirici (Te ‘Pe-King’, ongedateerd). Niet alleen volgt Franco Aretino in de dialoogvorm, hij heeft in Puttanade modi ook verdubbeld zodat de identificatie met Aretino ertoe geleid heeft dat velen hem als de uitvinder van niet zestien maar tweeëndertig standen zijn gaan beschouwen. Wat betreft de Aretino-verwijzingen wordt de situatie rond de Puttananog complexer door het bestaan van een Puttana Errantein verzen. Edward Hutton wijst op die uitgave in zijn Aretino-biografie (Londen, 1922) en noemt het a vile and obscene work quite in Aretino’s style. De auteur van de verzen is volgens Hutton een andere ex-secretaris van Aretino, Lorenzo Veniero. De verzen verschenen in 1530, under the auspices of Aretino. Toch maakt de problematische geschiedenis van de Puttana ook iets meer duidelijk omtrent één van de factoren die tot de verwarring hebben bijgedragen. Het werk (in proza) is eveneens lange tijd toegeschreven aan een zekere Pietro Bacci, een Italiaans dichter uit de 16e eeuw, die, net als Aretino, uit Arezzo afkomstig was en daarom ook de Aretijn genoemd werd. Zie voor precies dezelfde misvatting, maar nu op het graf van Aretino, het slot van dit hoofdstuk.
Volgens Kearney bezit ‘The Private Case‘ van het British Museum een exemplaar van de eerste editie in ‘de binding van koning George III’. Kearney noemt verder edities van het boek uit 1783 (getiteld Histoire et Vie de l’Arrêtin), 1791,1866,1872 en 1873, die alle in verband gebracht zijn met Aretino. The Wandring Whore was een Engels tijdschrift dat vanaf 1660 verscheen. Thompson (Unfit for Modest Ears) meldt dat ‘De titel en de karakters zijn ontleend aan La Puttana Errante.’ Of dit periodiek vanaf het eerste nummer op naam van Aretino gezet is, is mij niet bekend. Bij vervolgnummers is dit wel het geval, zoals in The Wandring Whore Revived,de zesde aflevering, 1662, toegeschreven aan ‘Peter Aretine’.
The Wandring Whore Discoveredstaat los van deze reeks. Ook hier betreft het echter hoerendialogen op naam van ‘Peter Aretine.’ Het verscheen in 1661, ongetwijfeld naar aanleiding van het snelle en internationale succes van de Elzevier-uitgave en het tijdschrift. De smokkel van erotica moet in die tijd hoogtij gevierd hebben, de vraag was waarschijnlijk nauwelijks bij te benen.
Ashbee begint zijn bibliografie met The Accomplished Whore (1827). Het is Translated from the Puttana Errante of Pietro Aretino, by Mary Wilson, spinster.

Aretino’s reputatie moet in die jaren enorm geweest zijn. In 1652 verscheen in Frankrijk (Orange) Alcibiade Fanciullo a Scola (in 1866 te Brussel in Franse vertaling: Alcibiade Enfant à l’Ecole) en het stond op naam van ‘d.P.A.’. Iedereen begreep dat dit ‘Di Pietro Aretino’ betekende en niemand zal zich verwonderd hebben, gezien de al geschetste aandacht voor de anus mirabilis in de sonetti, dat Alcibiade over een vice monstrueuxgaat, een monsterlijke afwijking, zoals de samensteller van de Catalogue des Ouvrages, Ecrits et Dessins de toute Nature, Poursuivis, Supprimés ou Condamnés. . . (kortom van een waardevol naslagwerk over in Frankrijk gecensureerde boeken), het noemde (Drujon; 1879). Alle bibliografieën schrijven Alcibiadetoe aan de Italiaan Ferrante Pallavicino, een enfant trop terrible, want hij werd in 1644 ter dood gebracht – onthoofd – wegens een lasterschrift tegen de paus. Hij was zesentwintig. Hij schreef ook een Rettorica delle Puttana(Elzevier, 1673). Alcibiade werd in 1863 en 1868 in Frankrijk verboden, ongetwijfeld wegens de vice monstrueux. Legman is de enige essayist die weigert te geloven dat Pallavicino de auteur was. Zijn plaatsvervanger is Antonio Rocco, een professor in de filosofie uit Venetië.
L’Académie des dames, ou les Sept Entretiens des Galants d’Alosia— opnieuw in de dialoogvorm zoals uit de ondertitel al blijkt -is een Franstalige editie (Amsterdam ca. 1690) van een werk dat oorspronkelijk in het Latijn verscheen onder de titel Satyra Sotadica (1659 of 1660) met de suggestie dat de tekst het werk was van een dame, Aloisia Sigea Toletana, en in het Latijn gevat werd door de Leidse hoogleraar Joannes Meursius. Onderzoek heeft uitgewezen dat de ware auteur de Fransman Nicolas Chorier (1609-1692) geweest is.
De hier bedoelde editie werd op de titelpagina toegeschreven aan ‘Pierre Aretin’ en kreeg het imprint ‘A Venise’. Het begint er op te lijken dat de Amsterdamse drukkers alle dialogen systematisch op Aretino’s naam gezet hebben. Kearney geeft nog twee aan Aretino toegeschreven edities, waarvan die uit Hamburg (?), circa 1750, de interessantste is. Niet alleen worden Aretino (Petri Aretini Ponodidasculus) en Meursius genoemd, maar in deze druk wordt ook een Latijnse vertaling van de derde dialoog uit I Ragionamentiverwerkt. De meeste edities zijn geïllustreerd – de Amsterdamse bevat 36 gravures — en inderdaad wordt er uitgebreid over standen gediscussieerd, en dat lijkt de reden dat sommige auteurs Aretino 36 modi hebben toegedacht.

L’Arétin Françoisbevat, zoals Legman het noemt, een parafrase van Aretino’s sonnetten door de Fransman François-Félix Nogaret (1740-1831) die zichzelf de titel ‘Membre de l’Académie des Dormans’ gaf. Kearney geeft meerdere edities, met verschillende inhoud, vanaf 1787 tot 1928.
De oudste is de belangwekkendste aangezien die de gravures bevat van Elluin, naar tekeningen van Borei, die in de Nederlandse vertaling van de Sonetti door Van Altena zijn opgenomen. Deze uitgave werd in de 19e eeuw in Frankrijk liefst zeven maal verboden.
Vrij naar Aretino, dat wil zeggen dat van zijn reputatie gebruik werd gemaakt, is ook L’Arêtin d’Augustin Carrache,een verzameling van 30 gravures van J. J. Coiny, verschenen in 1798, naar het voorbeeld van de Italiaan Agostino Carracci (1557-1602). Foxon meent dat de platen van Carracci in ons land gegraveerd en gedrukt werden; de Coiny-adaptie verscheen vanuit Parijs. Hun reputatie is aanzienlijk geweest en Carracci wordt regelmatig in één adem met Aretino genoemd.

Precies zestien gravures sierden de uitgave van Les Bijoux du Peut Neveu de l’Arétin (Parijs, 1793). Het neefje van Aretino! De bundel bevat anekdotes, zowel in proza als in dichtvorm. La Bibliothèque d’Arétin gaat weer een stapje verder en presenteert diverse werken onder Aretino’s handelsmerk, waaronder de Puttanaen L’Ecole des Filles (het boek dat Samuel Pepys in het geniep las voordat hij het verbrandde). Het imprint luidt ‘Keulen circa 1680’ maar Drujon meent dat ook deze uitgave de verdienste geweest is van Elzevier.
The Genuine and Remarkable Amours of the Celebrated Author, Peter Aretin,Londen, 1776, heeft volgens Ashbee, in de Index, nothing whatever to do with Aretino. De uitgave bevatte opnieuw zestien prenten – in kleur – maar Ashbee vond ze badly executeden bovendien hadden ze ‘geen enkele betrekking op de tekst’. Aretinus Revivibus is een vertaling (1745) van L’Académie des Dames en behalve de titel is ook de titel van de auteur de moeite waard: ‘Philo-Cunnus, Posture Professor, in the University of Paphos’.

(wordt vervolgd)

Ed Schilders: Pietro Aretino. De geschiedenis van een reputatie (4)

fleursdumal.nl magazine

More in: Aretino, Pietro, Ed Schilders, Erotic literature

Previous and Next Entry

« | »

Thank you for reading FLEURSDUMAL.NL - magazine for art & literature